Hageland festival was krapoelekesdag (StampMedia)

Het Vlaamse hiphoptrio Krapoel In Axe (K.I.A.) stond op vrijdag 12 augustus om middernacht voor het eerst in tien jaar terug op het podium op Hageland festival te Aarschot. Vol overgave gaven ze het beste van zichzelf op hun eigen ‘Osschotse’ wijze. Want zaterdag is krapoelekesdag.

Ze hadden gezworen om nooit meer samen te komen, maar speciaal voor de Aarschotse fans lieten Cliff Vrancken, Olivier Hennes en Jan Wouters zich nog één keer overtuigen. Na straffe optredens van onder andere The Sore Losers en The Van Jets was het om middernacht de beurt aan de Aarschotse hiphopveteranen. Van hun lange afwezigheid was echter niets te merken. In minder dan geen tijd zong het hele publiek mee met hits als Zomer, ‘t Sneeuwt en Zaterdag.

Het is al lang geleden dat jullie nog hebben opgetreden. Geen zenuwen?
Olivier Hennes: “Dat valt eigenlijk goed mee. We waren banger voor de try-out die we hiervoor in beperkte kring hielden. Maar dat liep gelukkig goed af. Daardoor begonnen we alleen meer zin te krijgen in het echte werk.”
Cliff Vrancken: “Ik moet toegeven dat ik het onderweg in de auto toch wel voelde nijpen. Het blijft toch tien jaar geleden.”

Jullie zijn in 2002 niet als de beste vrienden uit elkaar gegaan. Is er geruzied tijdens de voorbereidingen?
Olivier Hennes: “We hebben alleszins niet op elkaars gezicht geslagen. We zijn indertijd voornamelijk uit elkaar gegaan, omdat we elkaar beu gezien waren. Door al het toeren en optreden zaten we constant op elkaars lip.”
Cliff Vrancken: “Vergelijk het met een oud getrouwd koppel dat scheidt. Ze kunnen elkaar niet uitstaan, dus ze gaan elkaar ook niet opbellen om op stap te gaan.”
Olovier: “En toen vroegen ze ons voor een optreden op Hageland Festival. Er was genoeg tijd overgegaan, dus wij dachten ‘Waarom niet?’.”

Hiphop is nu veel populairder dan in jullie tijd. Zouden de dingen nu anders afgelopen zijn?
Olivier Hennes: “Wij waren zowat de eersten in Vlaanderen die met hiphop tot de top hebben kunnen doordringen. Dus ik denk niet dat we nu een grotere impact zouden hebben dan indertijd.”
Cliff Vrancken: “We gaven onze eigen draai aan hiphop. We maakten nummers over het leven in Aarschot. De dingen die we kenden en ons publiek interesseerden. Dat, samen met de humor in onze teksten, maakt ons denk ik wel uniek. Het stoorde wel dat we vroeger moesten wikken en wegen wat er in onze teksten door kon voor de platenmaatschappijen. We moesten onszelf vaak censureren. Misschien dat het nu beter is, maar dat had niet het grote verschil gemaakt.”

Volgen jullie als veteranen het hiphopgebeuren nog?
Olivier Hennes: “Mij interesseert hiphop eerlijk gezegd niet meer.”
Cliff Vrancken: “Ik heb er zowat mijn beroep van gemaakt om muziek op te volgen. Hiphop neemt zichzelf naar mijn mening te veel au serieux. Waar blijven de fun en de humor?”

En wat vind je van het Vlaamse hiphop?
Cliff Vrancken: “Bestaat er wel zoiets als een Vlaams hiphopmilieu? Veel Vlaamse artiesten proberen de Amerikaanse rappers te imiteren. Ze praten – zoals bij hardcore – over getto’s en ellende. Ik merk wel dat er de laatste jaren steeds meer leuke groepjes opstaan. Laten we dat maar de invloed van de Jeugd Van Tegenwoordig noemen.”
Olivier Hennes: “Zelf zijn we eigenlijk geen echte hiphoppers. Ik zou ons eerder hiphop entertainment noemen. We doen het voor de fun, om onszelf en ons publiek te amuseren. Daarom moet het niet altijd zo depressief en donker.”

© 2011 – StampMedia – Nils Deputter